06-27445313 mail@merelvandorp.nl
Ondernemer met ervaring

Ondernemer met ervaring

Ze is zelfstandig ondernemer en stuurt een team van zo’n tien mensen aan. Welk beeld heb je bij deze dertiger, als je dit weet? Ze heeft ook hbo pedagogiek gestudeerd. Zie je de jonge vrouw al een beetje voor je? Én ze is slachtoffer van verwaarlozing en misbruik in haar jeugd. Voel je hoe je beeld van haar meteen verandert? Dat komt door de informatie over wat haar is aangedaan, maar ook het woord ‘slachtoffer’ doet je idee over haar verschuiven.

Kriegelig

Enige tijd geleden had ik met iemand van Comensha – expertise- en coördinatiecentrum tegen mensenhandel – een discussie over de term ‘slachtoffer’. Konden we dat woord vermijden op hun congres dat ik zou leiden? Kon ik als dagvoorzitter zeggen: “Minderjarigen en volwassenen die te maken hebben met mensenhandel of uitbuiting”?

In eerste instantie werd ik een beetje kriegelig. Al dat politiek correcte gedoe. Waarom het beestje niet gewoon bij zijn naam noemen? Diezelfde irritatie voel ik bij de zo ongeveer verboden aanduiding ‘allochtoon’. Dat moet dan etnische minderheid worden. ‘Marokkaan’ moet worden beschreven als ‘een persoon met een niet-Westerse achtergrond’. Ik vind dat als journalist irritant omdat het een muur van mist oproept –wie bedoel je nou precies? En als tekstschrijver vind ik het vervelend omdat zulke omschrijvingen veel meer woorden kosten en het zinnen een beetje ophoudt.

Misbruikt door de buurman

Maar afgelopen week zou ik Kim van Laar aankondigen op een congres over Zorgen voor getraumatiseerde kinderen. Vooraf dacht ik na over hoe ik haar voor de deelnemers zou beschrijven. Kim is ervaringsdeskundige. Haar moeder is licht verstandelijk beperkt en heeft een Borderline persoonlijkheidsstoornis. Kim zorgde al jong voor haar gehandicapte zusje (en haar jongere broertje). Toen haar ouders scheidden, werd ze op dertienjarige leeftijd anderhalf jaar bijna dagelijks misbruikt door haar buurman, die ver in de vijftig was.

Onderneming

Voorafgaand aan het congres sprak ik haar. Enthousiast vertelde ze over haar stichting, die ze zelf heeft opgericht, en de plannen die ze daarmee heeft. In nog geen twee jaar tijd bouwde ze Stop Kindermishandeling – project Team Kim op. Met een tiental vrijwilligers en zzp’ers geeft ze trainingen aan professionals en soms ook aan kinderen over kindermishandeling, in heel Nederland. Daar verdient ze haar brood mee.

Tsja, dan kun je zo iemand wel aankondigen als ervaringsdeskundige kindermishandeling, maar daarmee doe je haar tekort, vind ik. Kim is niet dat slachtoffer. Niet alléén, in ieder geval. Ze is zoveel meer. En dat bleek ook, op het congres. Het publiek hing drie kwartier aan haar lippen, terwijl ze over haar ervaringen vertelde. Tot twee maal toe kreeg ze een daverend applaus.

Dan heb je het als ondernemer goed gedaan.

 

Moeilijke mails

Moeilijke mails

Soms schrik ik van mijn mailbox. Dan zit er weer zo’n moeilijk bericht in, waarover ik moet nadenken. Waarop de mailer een antwoord verwacht.

Weet je wat erg is? De meeste zitten er nog steeds in. De oudste is van 2011.

Eén luidt: “De broer van m’n ex heeft mijn zoon bij zijn strot gepakt en op bed gekwakt, omdat hij brutaal was. De gezinsvoogd doet het af als ‘hardhandig’ en mijn zoon wil geen aangifte doen. Maar dit is vaker voorgekomen!”

Een ander vertelt: “Ik ben eigenaresse van een kinderopvanginstelling en een leidster gaat zeer onpedagogisch met de kinderen om als ze even alleen is. Ik heb dat gefilmd, maar volgens de rechter mag ik haar niet ontslaan.” Dit zijn alleen nog de mails; via Twitter komt er ook het een en ander voorbij.

Wat moet ik hiermee? Ik ben geen hulpverlener en geen rechter.

Er zijn duizenden van dit soort situaties, waarover je pas kunt oordelen na zeer grondig onderzoek. En dan nog is de werkelijkheid waarschijnlijk zo complex, dat er niet één oordeel te vellen is.

Achter één e-mail ging ik wel aan. Een moeder vermoedde dat haar uit huis geplaatste zoontje door een hulpverlener misbruikt werd. Een jochie dat  vroeger al door de eigen vader was misbruikt. Haar verhaal gebruikte ik voor een artikel over hoe moeilijk het is om vanuit een underdogpositie serieus genomen te worden met je kritiek op professionals. Het doel van dit artikel was niet dé waarheid vinden, maar ik wilde de ogen van hulpverleners openen voor een mógelijke waarheid.

Laatst belde zo’n mailer mij ook nog op.

Bijstandsvader, jarenlange vechtscheiding, Raad voor de Kinderbescherming, beperkt contact met z’n drie kinderen, je kent het wel. Ik stuurde hem met een kluitje in het riet. Zo voelde het althans. Nee, ik kon geen artikel aan zijn specifieke situatie wijden, zei ik, want die komt – oordeelde ik even  snel – wel vaker voor.

Is het goed dat ik me niet voor elk persoonlijk karretje laat spannen? Of is het laks dat ik niet elke kwestie tot op de bodem uitpluis? En egoïstisch dat ik me beroep op het feit dat ik het al zo druk heb?

Kan ik hierover misschien iemand mailen?

Waarom verlies hoort bij de opvoeding

Waarom verlies hoort bij de opvoeding

‘Wat doe ik mijn kinderen aan?’ vraag ik aan een vriendin. Ik heb haar net verteld over onze kat, die we op een mooie leeftijd hebben laten inslapen. Onze kinderen waren daarbij. Mijn tienjarige zoon moest na de eerste ‘slaapprik’ bij de dierenarts onbedaarlijk huilen. Mijn achtjarige dochter trok dat niet en ging in de wachtkamer met Playmobil spelen. ‘Anders moet ik om Ivan huilen, mam’, zei ze wijs.

Het voordeel van verlies

Ik vond het zielig voor onze kinderen dat ze voor de derde keer de dood van een huisdier moesten meemaken. Twee honden gingen de kat voor en de kinderen hebben de euthanasie van beide dieren bewust meegemaakt, twee en vijf jaar geleden. Daar hadden ze zelf verdriet om en ze zagen dat wij, hun ouders, het heel naar vonden, zeker omdat beide honden te jong stierven. De laatste hond was helemaal een rotverhaal, want die beet vreemde volwassenen en na allerlei gedragstherapie en een verschrikkelijk incident hebben we hem als tweeënhalfjarige, gezonde hond laten afmaken. Wat mijn zoontje zó oneerlijk vond, want: ‘Mensen die iemand vermoorden hoeven toch ook niet dood? Die worden alleen opgesloten!’

Pure mazzel

‘Jouw kinderen leren tenminste tegenslagen verwerken’, reageert de vriendin. ‘Die van mij hebben nog nooit meer dan een fietsvalpartij of ruzie met een vriendinnetje meegemaakt.’ ‘Haar reactie sluit aan bij het boek “Risicokind of evenwichtskunstenaar” dat ik las van Elize Lam. Zij is auteur, socioloog en oprichter van stichting You!nG, die jongeren wil empoweren. Het raakte mij, net als het boek “Veerkracht” van Liesbeth Groenhuijsen, alweer jaren geleden. De auteurs gaan in op de vraag hoe het komt dat erge dingen meemaken niet altijd desastreuze sporen nalaat. Ze vragen zich ook af of al die (preventieve) hulp wel nodig én nuttig is. En zo nee, hoe kom je er dan achter bij wie dat wél het geval is? Lam vertelt over het nut van parentificatie (als kind een ouderlijke taak op je nemen) en of het ‘pure mazzel’ is als je met ingrijpende situaties goed kunt omgaan.

Behoeden

In mijn angst mijn kinderen pijn te doen ben ik niet alleen, lees ik ook in het boek. Veel ouders pogen hun kinderen voor allerlei nare dingen te behoeden, terwijl vallen en opstaan nodig is om gezond op te groeien.

Inmiddels is er dus een nieuw poesje in ons leven. Helemaal ingeburgerd scherpt ze alweer een paar weken tevreden haar nagels aan onze bank.